Piet de Heus
Ik was hier 1,5 jaar oud. Mijn moeder had het bakkerspakje zelf voor mij gemaakt. De foto is genomen bij een beroepsfotograaf.
"Bakker" de Heus
vergroot foto

Herinneringen aan onze bakkerij in de Kinkerbuurt

Piet de Heus
Ik ben geboren in de Kinkerstraat op het toenmalige nummer 219. Wij hadden als familie (vader, moeder, mijn zusje en ik) de beschikking over twee ineen lopende woningen boven de winkel. Boven de bakkerij was een groot plat waar mijn twee jaar oudere zus en ik als kind veel speelden. We hadden daar het zicht op de waranda's van de huizen in de Borgerstraat, en daar was het met de staat van welzijn droevig gesteld. Slechte, gehorige huizen met drie verdiepingen, bewoond door veelal werkloze mensen. Met wasgoed aan de lijn dat tegenwoordig onmiddellijk tot poetslap zou worden gedegradeerd. Maar wat moest je met een tientje steun per week en een kot vol kinderen?. De bakkersknechts vonden het prachtig wanneer ik in mijn bakkersoutfit op ontdekkingsreis door de hele bakkerij stiefelde. Op een dag waren ze me plotseling kwijt, was er grote paniek en ging iedereen naar mij op zoek. In de Borgerstraat bleek er uiteindelijk een flinke menigte verzameld rondom een manneke in een bakkerspakje die meelopend, als in trance, keek en luisterde naar de bewegende poppen en de muziek van een onvolprezen Amsterdams pierement. Het publiek dacht in eerste instantie aan een soort reclamestunt van bakker de Heus, maar toen ik krijsend en heftig tegenspartelend mee naar binnen werd genomen kwam de waarheid aan het licht. Ik was 12 jaar en net op de middelbare school toen de zaak op de fles ging, dus ik heb van het bakkersvak niets meegekregen. Het enige dat ik ooit in de bakkerij heb gedaan was op zondagmiddag roeren in een enorme pan met melk, opdat er niets zou aanbranden of overkoken. Van deze melk werd gele bakkersroom gemaakt, bedoeld voor een rits tompoucen die vader 'savonds moest maken voor eethuis Schenk op de hoek Borgerstraat-Nic. Beetsstraat. De heer Schenk serveerde uitsluitend kwaliteitsspul en eiste dan ook voor de zondagavond zo'n honderd kersverse tompoucen. Ik deed me intussen tegoed aan de afgesneden kantjes, wanneer Pa de tompoucen op maat aan het snijden was. Verder gaf ik niet veel om het grote assortiment gebak dat altijd volop aanwezig was. Ik had zelfs een uitgesproken hekel aan de wekelijkse slagroomwafel bij de zondagse koffie. Wanneer ik uit school kwam had ik genoeg aan een droog broodje dat ik ergens in het magazijn uit een kist opdiepte.
Verhalen van Vroeger is een initiatief van Stichting Tijdgeest